Arbeidsrecht

Beëindigingsovereenkomst WW proof?

Beëindigingsovereenkomst, Nieuws, Ontslag, Vaststellingsovereenkomst, WW-uitkering

29 april, 2010Hilversum, Nederland; “Wanneer is een beëindigingsovereenkomst WW proof? ”.

Helaas komt het de laatste tijd enorm vaak voor dat bedrijven onverhoopt afscheid moeten nemen van werknemers. Soms zelfs van grote aantallen tegelijk. De oorzaak hiervan is veelal gelegen in de economische crisis, waardoor bedrijven geconfronteerd worden met terugtrekkende investeerders, dalende omzetten en verliesgevende business. Wanneer afscheid nemen onvermijdelijk wordt, is het voor beide partijen van groot belang dat de beëindiging van het dienstverband goed geregeld wordt.

Sinds een aantal jaren is het voor het in aanmerking komen van een WW uitkering niet langer noodzakelijk dat een werknemer zich verweert tegen de wens van de werkgever om het dienstverband te beëindigen. Deze verandering heeft ertoe geleid dat er thans in grote mate beëindigingsovereenkomsten met wederzijds goedvinden worden gesloten.  Uiteraard worden deze overeenkomsten alleen dan gesloten als beide partijen zich kunnen vinden in de ontslaggrond en het eens zijn geworden over de voorwaarden waaronder het dienstverband zal eindigen.

Om ervoor te zorgen dat de werknemer na afloop van het dienstverband door middel van een beeindiging met aanspraak zal kunnen maken op een Werkeloosheidsuitkering zullen de volgende apsecten in de overeenkomst moeten worden opgenomen:

  • dat het initiatief van de beeindiging van werkgeverszijde is gekomen;
  • de reden van voornoemd initiatief;
  • dat er geen sprake is van een dringende reden;
  • dat het gaat om een beëindiging met wederzijds goedvinden gaat;
  • de datum waarop de arbeidsovereenkomst eindigt;
  • de afspraak dat er op de einddatum een eindafrekening wordt opgemaakt;
  • de datum waarop u en uw werkgever de overeenkomst hebben ondertekend.

In bovengenoemd kader is het verder van belang te realiseren dat het niet vanzelfsprekend is dat een eventuele WW uitkering direct aanlsuitend aan de beëindiging van het dienstverband aanvangt. Voor het bepalen van de ingangsdatum van de WW uitkering houdt het UWV namelijk rekening met de zogenaamde fictieve opzegtermijn. Dit is de termijn die in acht had moeten zijn genomen wanneer het dienstverband door opzegging door de werkgever zou zijn beëindigd. De fictieve opzegtermijn vangt aan op het moment dat er formeel overeenstemming tussen partijen is bereikt over de inhoud van de beëindigingsdatum (veelal de datum van ondertekening) en afhankelijk van de concrete situatie kan deze doorlopen tot na de beëndigingsdatum.

Vind je dit interessant? Deel het dan met je netwerk.

Imke Arts